heijmerikx.nl

Information

This article was written on 02 mrt 2010, and is filled under Emsland.

Emsland

Emsland, landkreis, onderdeel van de deelstaat Niedersaksen met een oppervlakte van 2881.4 km en een inwonertal van  313.824 inwoners, 109 p/km.

Voor de eenwording van Duitsland het grootste Landkreis van West Duitsland.

Emsland heeft 60 gemeenten, waarvan 10 eenheidsgemeenten, gemeenten met een plaats.

En 9 gesamtgemeinden, met meerdere gemeenten tot een gesamtgemeine samengevoegd. Sommige gesamtgemeenden hebben wel tot 9 gemeenten waarmee zij samengegaan zijn.

Als voorbeeld Lathen, Fresenburg, Niederlangen, Oberlangen, Renkenberge en Sustrum, welke elk afzonderlijk een gemeente vormen met een eigen burgemeester en gemeenteraden, maar samen de gesamtgemeinde Lathen vormen met als hoofdvestiging Lathen met een burgemeester en raad van de gesamtgemeinde.

Sommige leden van de gemeenteraad zijn meestal ook lid van de gesamtgemeenteraad.

Terwijl leden van de gesamtgemeinderaad ook zitting kunnen hebben in de kreistag van het Landkreis Emsland, met als bestuurscentrum Meppen, welk landkreis (district) dan weer deel uitmaakt van de deelstaat Niedersaksen, die Hannover als hoofdstad heeft.

En om het nog ingewikkelder te maken, Niedersaksen is onderverdeeld uit vier Regierungsbezirke (bestuurlijke regio’s), die samen weer onderverdeeld zijn in 38 districten (Landkreise) waar Emsland er dus een van is, en 8 stadsdistricten (kreisfreie Städte).

Niedersaksen werd pas na de Tweede Wereldoorlog gesticht (1946) nadat het deel had uitgemaakt van de Britse bezettingszone na de 2e wereldoorlog. Duitsland was na de 2e wereldoorlog bezet door 4 mogendheden, de Verenigde Staten, Engeland, Frankrijk en Rusland. In 1949 droegen de drie eerstgenoemde de macht over aan de nieuwe regering onder leiding van Konrad Adenauwer, en pas in 40 jaar later in 1989 verlieten de Russische troepen Oost Duitsland, en stond voor de hereniging niemand weer in de weg.

Daarvoor bestond Emsland uit 4 bestuurseenheden, te weten Aschendorf, Meppen, Lingen en Hümling, ouderen noemen Emsland dan ook nog steeds Hümling, en die naam komt in oude gewoonten verhalen en gedichten etc. nog veelvuldig voor. Pas na de fusie van de vier bovengenoemde bestuurslagen, ontstond het huidige Emsland op 1 augustus 1977.

Het werd samengesteld uit Hannover (voorheen een provincie van Pruisen) en de vrijstaten Oldenburg, Brunswijk (Braunschweig) en Schaumburg-Lippe.

Binnen de grenzen van Niedersaksen zijn 2 onafhankelijke stadsstaten gevestigd, de Vrije Hanzestad Bremen samen met Bremerhaven, welke laatste stad pas tot ontwikkeling kwam, nadat de rivier deWeser verzande, en scheepvaart naar de haven van Bremen moeilijk zo niet onmogelijk werd, en de Vrije Hanzestad Hamburg, het vrije kan men weglaten, dat is enkel een oude trotse term uit vroeger tijden, ook de Hanze kan men weglaten, maar stamt uit vroeger tijden waarin alle belangrijke handelssteden van noord Europa zich samen hadden verbonden in het Hanzeverbond, Amsterdam, Lubeck welke zich samen met Bremen en Hamburg nog steeds Vrije Hanzesteden noemen, maar ook Hasselt en Hattem waren lid van het Hanzeverbond. (Voor alle Hanzesteden en verbonden zie elders op de site)

Na een referendum werden in 1993 het historisch tot Hannover behorende Amt Neuhaus en een deel van de gemeente Garlitz van Mecklenburg-Voor-Pommeren afgescheiden en bij Nedersaksen gevoegd.

Niedersaksen is in oppervlakte gemeten de op 1 na  grootste Deelstaat van Duitsland na Beieren, en de 3e qua inwoneraantal.

Niedersaksen op zijn beurt is weer een Bundesland, welke met 16 andere deelstaten (Bundeslander) de Bundesrepubliek Duitsland vormt, met als hoofdstad Berlijn.

Het Emsland behoorde tot 1803 bij het bisdom Munster, het was met een smalle strook langs de rivier de Ems verbonden met het bovenstift Munster, daarna tot 1810 bij het Hertogdom Arenberg, van1810-1815 was het onderdeel net zoals Nederland van het keizerrijk Frankrijk en nadien hoorde het bij het Koninkrijk Hannover.

Duitsland als land bestond in zijn geheel nog niet, het gebied wat nu Duitsland is, bestond uit ontelbare Koninkrijken, Koninkrijkjes, Prins- en Hertogdommen. Zoals bijv. Hannover, Beieren, Sachsen, Weimar maar ook Lippe-Biesterfeld, Mecklenburg of Waldeck-Pyrmont bekende namen binnen de Oranjes.

Emsland was en is nog steeds voor het overgrote deel Rooms Katholiek, 82,3 % in 1987 en 13,6 % Evangelisch (Protestant) alhoewel het aantal kerkgangers ook hier terugloopt.

Het ligt tegen de grens met Nederland aan, Groningen en Drente, en bestaat in het oosten uit de Hümling, een stuwwal complex wat hoger gelegen is, en in het westen uit  het Bourtangermoor of moeras, welk gebied in Drente verder gaat, en beduidend lager gelegen is. Het geheel wordt door de rivier de Ems doorsneden.

Enkel in Drente is dat veengebied veel eerder tot ontwikkeling gekomen dan in Duitsland, enkel omdat de noodzaak tot ontwikkeling in Duitsland door een overvloed aan ruimte, minder noodzakelijk was. Ook het bevolkingsaantal in Emsland was zeer gering, en bestond buiten enkele kleinere plaatsen uit hier en daar een boerenbedrijf.

Het kon maar zo voorkomen, dat men over de verharde weg gaande naar Duitsland, in het rulle zand terechtkwam bij de grens, hier hield de weg eenvoudigweg op.

Wel is het gebied al lang bewoont, vele kleinere dorpen bestaan al meer dan 1000 jaar, maar zijn desondanks niet of nauwelijks tot grote uitbreiding, ontwikkeling en of bloei gekomen.

Op de veelal kleine en arme boerenbedrijven was maar plaats voor een opvolger, de andere leden van het gezin moesten maar zien elders aan de slag te komen.

Turf steken was een van de bestaansmogelijkheden. Momenteel is er nog steeds veel bedrijvigheid in het veen, en wordt turfgrond voor de tuinbouw nog steeds volop gewonnen. Het zijn enorme vlakten en vergezichten die zonder een enkel huis, enkel door plassen en meertjes doorsneden te zien zijn net over de grens van Drente.

Wegen waren er weinig, het veen met zijn drassige ondergrond verhinderde dat, Nieuwe Schans, Oude Schans, Bourtange en ter Apel hebben van oudsher een grensovergang, en daar werden dan ook, de naam geeft het al aan Schansen gebouwd ter verdediging tegen ongewenste indringers.

De Hännekemaiers waren een begrip in Holland, dat waren de Duitse seizoensarbeiders die in Holland kwamen helpen met de oogst.

Ook kwamen velen naar Amsterdam, omdat in de 17e eeuw de VOC vele arbeiders kon gebruiken op hun schepen naar Indië, maar ook vele Geesjes, die als hulp in de huishouding naar de steden in Holland kwamen, vertrokken uit Emsland. Emsland, eertijds het armenhuis van Duitsland genaamd, maar die term is al lang niet meer van toepassing.

Maar na het einde van de 2e wereldoorlog, was er nog bittere armoede in Emsland, was er nog weinig of geen elektriciteit bij de burgers, was er hoofdzakelijk water uit bronnen en putten beschikbaar en hadden de meeste huizen nog een Plumpklo, een tonnetje dus, zoals een burgermeester anno 2009 schrijft over zijn jeugdherinnering.

Ook trokken velen weg uit hun Heimat, uit economische redenen naar het dichtbij gelegen en rijkere Holland. Bleef men al op het ouderlijk huis wonen als opvolger in het meestal boeren bedoeninkje, dan was smokkelen een lucratieve aangelegenheid om geld te verdienen.

En ondanks dat hoge boetes en zelfs gevangenisstraf op de loer lagen, waagden velen zich aan die tak van sport. Zeker ook bij de enorme inflatie die begin 1900 in Duitsland rondwaarde.

Bekende namen die vanuit Emsland, Teutoburgerwald, Osnabruckerland en Münster naar Holland trokken waren leden van bekende families, Dreesmann, Vroom, Brenninkmeijer, Tepe, Lutkemeijer, Lampe, Thorbecke, enz. van oorsprong vaak kooplieden allen katholiek, omdat die geweerd werden in bestuurlijke functies, en dus meestal aangewezen waren op de handel. Maar ook bij de massa minder bekende families, die als handswerklieden hun heil zochten in Nederland zoals smeden, molenbouwers of verveners.

Na de 2e wereldoorlog, is veel geld gepompt in dit gebied, en is er veel werkgelegenheid ontwikkeld, veelal in de staalindustrie.

Maar ook in de scheepsindustrie, de Meyerwerf in Papenburg is daar een goed voorbeeld van. Deze werf is weliswaar al heel oud, maar heeft zich ontwikkeld tot een werf waar luxe cruisschepen gebouwd worden, die via de Ems het ruime sop kunnen kiezen. Als zo’n schip vanaf de werf vertrekt naar de open zee, is dat een waar spektakel, waar duizenden en duizenden zich langs de oever van de Ems verzamelen, om die oceaanreus uitgeleide te doen. Voor diegenen die dat nog nimmer aanschouwd hebben, is dat een aanrader, een lux soms wel 10 of meer verdiepingen hoog schip, waar de Dom van Utrecht rechtop in kan staan zonder dat die dan zichtbaar is, zo’n schip gaat langzaam achterwaarts met behulp van 2 slepers die voor de besturing zorgen naar zee, onderweg allerlei obstakels passerende. Een van die obstakels is een sluis bij het begin, 37 mtr breed waar maar enkele 10 tallen centimeters speelruimte is. Verderop een spoorbrug, welke uitgevaren gaat worden als een schip van de Meyerwerf naar zee wil, en na passage weer op zijn plaats gehesen gaat worden.

Stuwen onderweg die al dagenlang gesloten zijn, om het water omhoog te brengen zodat het te passeren schip niet in de modder blijft steken.

Kortom een gigantische ingewikkelde operatie die enkele keren per jaar plaatsvindt.

Een keer ging het mis, niet met het schip, maar met de elektriciteitsvoorziening in een groot deel van Europa. In 2007 kwam er wederom een schip over het water richting zee, en voor de zekerheid schakelde men de elektriciteit van de hoogspanningsmasten uit, om te voorkomen dat vonken eventueel over zouden kunnen slaan naar het schip wat er onderdoor voer. Normaal is dat geen probleem, men kan de elektriciteitstoevoer via andere leidingen garanderen, ware het niet dat door een extra vraag naar elektriciteit in de Franse Elzas door noodweer erg hoog was, en mede daardoor de toevoer stagneerde met als gevolg dat grote delen van West Europa zonder stroom kwamen te zitten, het was een ongelukkige samenloop van omstandigheden.

Om dat in de toekomst te vermijden, zijn de masten dusdanig verhoogt, dat de schepen er nu ongehinderd onder door kunnen varen, zonder dat de elektriciteit uitgeschakeld moet worden.

Wel zijn er milieubewegingen, ook in Duitsland die van mening zijn, dat het sluiten van de stuwen, en de daarmee gepaard gaande overstromingen van de uiterwaarden de natuur te veel schade toebrengt, en zij voeren dan ook actie tegen deze noodzakelijke gebeurtenis van overbrenging van die schepen naar open zee. Het zou op zijn minst de arbeidsplaatsen van meer dan 4000 mensen in gevaar brengen, en dan nog maar niet te spreken van de arbeidsplaatsen van al die toeleveringsbedrijven. En of die acties echt noodzakelijk zijn, is nog maar de vraag.

Zo stond ik in maart 2009 ook aan de oevers van de Ems, om de Solstice voorbij te zien komen, een enorm schip en het tot dan het grootste hier gebouwd, 315 mtr lang, 36.8 mtr breed en ca. 80 mtr hoog, en kwam in gesprek met een man op vergevorderde leeftijd, leunend op zijn wandelstok.

Met hem kwam ik ook op de milieuacties die gevoerd werden, en hij vertelde mij dat in zijn jeugd, toen hij nog een kleine jongen was, de Ems jaarlijks soms wel tot 6 a 7 overstromingen van de uiterwaarden kwam, en niemand had het idee dat het schadelijk was, nu overstroomd het 2 keer per jaar in voorjaar en najaar en is het schadelijk voor de natuur, hij begreep er niets van. Naar zijn mening was de enige schade, dat de rivier regelmatig uitgediept moest worden, en dat mede daardoor de visstand in de rivier heel erg was teruggelopen.

We hadden ook tijd van praten, het schip was allang gepasseerd, en de mensenmassa ging weer op weg naar huis, en geloof het of niet, zelfs lopende stond men in de file.

De smalle landbouwweggetjes waren volkomen verstopt.

Een ander project welke vooruitgang moest brengen, was de aanleg van een testbaan voor auto’s nabij Papenburg.

Nog een project waar men enorme verwachtingen bij had, was de aanleg van een testbaan voor de magneetzweeftrein, een zeer hoogstaand technisch project waar hoge economische verwachtingen en belangen op het spel stonden. Het is een prachtige manier van vervoer, waarbij een voertuig, in dit geval een trein met hoge snelheid door middel van een elektronisch veld los boven een baantraject zweeft, zonder slijtage van draaiende wielen die ontbreken, en zonder lawaai, het treinstel zoeft voorbij met snelheden van rond de 400 km die gehaald kunnen worden.

Het zijn de bouwkosten van een baan bovengronds, welke het project kostbaar maken, het vervoer op zich is goedkoop te noemen.

Naar China is zo’n magneettrein verkocht, maar daar hebben ze er een nagebouwd en maken ze nu zelf.

Een gemiste kans voor het promoten was ook de Wereldtentoonstelling in Hannover, waar aanvankelijk zo’n zweeftrein zich zou gaan bewegen tussen het vliegveld en de tentoonstelling, evenals een verbinding tussen München en het vliegveld aldaar, een verbinding die helaas in economisch slechte tijden geen doorgang heeft gevonden.

Ook het zeer ernstige ongeluk met de zweeftrein op de testbaan in Lathen, waarbij de trein op een onderhoudswagen botste, door ernstige veiligheidsproblemen en menselijk falen, waarbij 21 personen jammerlijk om het leven kwamen, hebben de Transrapid geen goed gedaan.

De kans dat dit project toekomst heeft, mag vrijwel uitgesloten worden geacht.

Andere stimuleringsmaatregelen zijn, de toeristische industrie, er worden steeds meer rijwielpaden aangelegd, waarvan en enkele grensoverschrijdend zijn, en arrangementen worden ook veel aangeboden.

Evenals in Drente, zijn er Hunebedden te vinden in Emsland, en wel op het hoger gelegen oostelijk gedeelte, vooral rondom Apeldorn.

Een fietstocht direct langs de Ems op enkele meters van het water is erg aan te bevelen.

Een andere vakantiemogelijkheid zijn de vele Reiterhofen, daar waar kinderen een vakantie kunnen doorbrengen met een pony. Sommige Reiterhofen bezitten wel 6-700 paarden.

Ook het Jagtslot Clemenswerth in Sögel is een bezoek meer dan waard.

In het midden van de 18e eeuw liet keurvorst Clemens August dat jachtslot bouwen, en kwam dan enkele keren per jaar met groot gevolg naar Sögel om daar dan te jagen. Sögel toendertijd een vlekje op de kaart, kreeg dan een stroom aan bezoek te verwerken, temeer omdat het jachtslot maar 1 slaapvertrek had voor Clemens August zelf.

De rest van het gezelschap moest zich dan maar een plaatje zien te verwerven in de omgeving. Zo kon het voorkomen dat de meereizende pastoor in het gezelschap zich beklaagde, dat hij de nacht moest doorbrengen in het varkensschot, bij gebrek aan een betere slaapplaats.

De Ems was en is lang een levensader geweest voor dit gebied, afvoer van water uit het veen, waarvoor men vele kanaaltjes en kanalen gegraven heeft, om turf te kunnen steken, tevens gebruikt om het turf te kunnen vervoeren. Papenburg is daar een goed voorbeeld van, het is het langste veendorp (stad) ter wereld, met ca. 42 km gegraven afwateringskanalen, waarlangs de bewoning plaats vond. Nog steeds is Papenburg smal, maar heel erg lang.

In dat waterrijke en kanalenrijke gebied kwam de scheepsbouw tot ontwikkeling, tientallen scheepswerfjes waren hier al gevestigd, toen  Henrich Jansen als scheepstimmerman eind 1600 naar Papenburg kwam, en zich melde bij de pastoor, toen de belangrijkste persoon in Papenburg, en hij voerde ook de bevolkingsadministratie, gemeente waren toen nog totaal onbekend.

De pastoor vertelde, dat hij Jansens al genoeg had in Papenburg, en schreef Henrich in als Henrich Meyer, en vertelde hem ook nog dat hij vanaf dat moment niet meer Evangelisch was, maar Katholiek, en daar begon de geschiedenis van een der grootste scheepswerven in de wereld. Een werf al genoemd, waar de immense en s’werelds grootste overdekte hal staat, waar oceaanschepen gebouwd worden, met een lengte van 504 meter, 125 meter breed en 75 meter hoog. Ter vergelijking, een voetbalveld is tussen 108 en 120 meter lang en tussen 64 en 75 meter breed.

Maar ook Haren, een stad ruim 100 km verderop gelegen van de zee, door de Ems verbonden een zeehavenstad genoemd wordt, waar vele tientallen rederijen hun domicilie gevestigd hebben, en waar rond de jaarwisseling tientallen schepen in hun thuishaven liggen.

Ook Leer was eertijds een belangrijke haven, nu is er grote bedrijvigheid door de pleziervaart.

Emden aan de mond van de Ems, en concurrent van Delftzijl aan de overkant van de Dollart, is nog steeds een haven van betekenis, en vandaar vertrekken vele boten met o.a. auto’s naar alle windstreken.

Auto’s van de merken VW en Audi, die per trein worden aangevoerd vanuit het achterland.

Andere bronnen van bestaan zijn o.a. een grote papierfabriek in Dörpen, waar de papierbaan een snelheid kan halen van van 70 km p/uur, en dat 24 uur per dag, week in week uit.

De hoogste snelheid die een papiermachine heden ten dage kan halen is 120 km p/uur, en dan ook nog 11 meter breed. Papiermachine’s die bankpapier maken, lopen hooguit 600 mtr p/uur en dan ook niet breder dan 2 mtr breed, die kwaliteit is mede daardoor veel beter.

Een kernenergiecentrale in Lingen, die gebruik maakt van het water uit de Ems als koelvloeistof, en waarvoor men een enorm waterbekken heeft moeten aanleggen bij Geeste, voor als het waterpeil in de Ems een te laag peil bereikt heeft, en welk bekken ook voor recreatieve doeleinden gebruikt wordt.

Maar ook de windenergie heeft hier duidelijk te zien aan de vele windmolenparken vaste voet in de bodem gekregen, maar ook proeven met andere alternatieven zoals zonne-energie en biogas komen hier en daar van de grond.

Ook zijn er relatief gezien vele justitiële instellingen in Emsland, Leer, Meppen en Hesepe, niet dat er hier veel wetsovertreders zijn, maar de gebouwen hadden voor de oorlog al die functie onder het bewind van Hitler, en dat is zo gebleven zij het gelukkig in modernere vorm en behandeling, en zijn de inwoners door justitie veroordeelt na misdragingen, en niet aan willekeur overgeleverd zoals indertijd onder Hitler..

Emsland had ten tijde van het bewind van de NSDAP onder leiding van Adolf Hitler in Emsland  een beruchte naam. Al in de beginjaren 30 van de vorige eeuw werden hier Duitsers opgeborgen onder mensonterende omstandigheden, enkel omdat zij het niet eens waren met de NSDAP, en het ook openlijk durfden te uiten. 15 kampen waren er op het grondgebied van Emsland en het aangrenzende gebied van Münster, kampen waar duizenden waren opgesloten, en ook duizenden door ontbering en mishandeling omgekomen, voordat de oorlog daadwerkelijk was begonnen.

Niets en niemand werd ontzien, tot zelfs de Nobelprijswinnaar voor de vrede in 1935 Carl van Ossietzky toe, die geboren in Hamburg op 3 oktober 1889 overleed in een ziekenhuis in Berlijn op 4 mei 1938, aan de gevolgen van zijn verblijf en mishandeling in het kamp te Esterwegen. Toen hij op sterven na dood was, bracht men hem snel over naar het ziekenhuis, maar dat mocht toen niet meer baten. Buiten het feit dat hij jood was, was hij ook pacifist, democraat en journalist, hij groeide uit tot een boegbeeld van het verzet tegen Hitler en de NSDAP, en heeft dat onder erbarmelijke omstandigheden met zijn dood moeten bekopen, en hij was helaas niet alleen.

Ook waren vele zogenaamde Nacht und Nebelgevangenen hier ondergebracht, gevangenen die waren opgepakt, en waarvan niemand wist waar ze gebleven waren.

Tot op de dag van vandaag, zijn er nog vele monumenten, kerkhoven en andere zichtbare restanten van die kampen overgebleven, en worden door verschillende instanties onderhouden en in ere gehouden. Zelfs het voormalige kamp Esterwegen, ondergaat een metamorfose, om het als gedenkplek in ere te houden, tot waarschuwing voor eenieder, in de hoop dat die geschiedenis zich nooit meer zal herhalen. In Papenburg staat het Documentations und  Informations Zentrum kortweg DIZ, die met lezingen, tentoonstellingen en publicaties die verschrikkelijke geschiedenis zichtbaar houdt voor de toekomst. Te zijner tijd gaan zij verhuizen naar het voormalige kamp Esterwegen, waar dan een soort nationaal gedachtenis centrum zal verrijzen. Direct naast het kamp is zelfs een klooster met stiltecentrum gevestigd, waar enkele nonnen mensen ontvangen, en een luisterend oor zijn voor slachtoffers, nabestaanden, maar ook voor de daders, die daar allen hun verhaal kunnen doen.

In meerdere van die kampen, zijn na de oorlog mensen opgesloten geweest die in de oorlog fout waren geweest, en ook zijn kampen gebruikt om de enorme stroom vluchtelingen uit het oosten van Duitsland op te vangen. Weer andere kampen werden gebruikt voor Poolse militairen, die nota bene geholpen hebben bij de bevrijding van Europa, maar daarna niet terug konden naar Polen omdat het Russische leger hun land bezet hield.

In drie van die kampen zijn gevangenissen gevestigd, op dezelfde plaats als de voormalige gevangeniskampen, die na 1940 concentratiekampen werden voor o.a. Russische en andere krijgsgevangenen.

Ook ca. 4.500 krijgsgevangen Nederlandse militairen zijn hier enkele dagen geweest, op doorvoer naar Luckenwalde, zij kwamen lopende van de Grebbeberg naar Arnhem, en werden daar met de trein naar Meppen vervoerd, hier enkele dagen vastgehouden en doorvervoerd naar Luckenwalde onder Berlijn. (Zie het uitgebreide artikel elders op de home-page onder oorlogsperiode)

In die periode dat in Duitsland de NSDAP aan de macht was, had de NSB in langs de grens een grotere aanhang dan in de rest van Nederland.

Dat was nu ook weer niet zo verwonderlijk, want vrijwel alle inwoners kort aan de grens hadden ofwel Duitse voorouders, of waren zelf ooit de grens overgestoken naar Nederland.

Mensen proberen van nature altijd een graantje mee te pikken daar waar zij kunnen.

En de meeste NSBers waren lid uit economische redenen, en aanvankelijk waren zij ook niet op de hoogte van de verschrikkingen die gaande waren.

Neemt niet weg, dat Nederland percentagegewijs het grootste aantal joden aan Duitsland heeft uitgeleverd, en ook dat het grootste contingent buitenlanders bij de Waffen SS, Nederlanders waren, ca. 22.000 waarvan er ca. 7000 zijn gesneuveld en of vermist zijn, de meesten aan het Oostfront.

Midden 1941 was de Nederlandse overheid net gereed met de registratie van alle joodse inwoners in Nederland, 160.820 personen. Je mag je wel afvragen, of de joden die al vanaf 1933 vanuit Duitsland naar Nederland waren gevlucht onder die aantallen vielen, want vluchtelingen willen vaak niet geregistreerd worden niet toen en ook nu niet.

Het juiste aantal joden welke zijn afgevoerd naar Duitsland is niet bekend, aantallen lopen uiteen van 105.000 tot 140.000 personen. Maar naar later bleek, zijn ook veel joden als zijnde verhuist met onbekende bestemming buiten dat aantal gehouden, maar men is ze na de oorlog nooit meer op het spoor gekomen, dus zal het aantal afgevoerde joden mogelijk dichter bij de 200.000 personen kunnen liggen dan de veelal genoemde aantallen.

Overigens waren de geallieerden in een vroeg stadium van de oorlog ook al op de hoogte van de uitroeiing van de joden en tegenstanders van Hitler, en de genocide die gaande was.

De BBC maakte op 2 juni 1942 al melding van de moord op 700.000 joden in Polen, 29 juli maakte radio Oranje melding over het gebruik van gaskamers, en koningin Wilhelmina had het in haar toespraak van oktober 1942 over de onmenselijke behandeling en stelselmatige uitroeiing van landgenoten. Als reden dat er niet gereageerd werd op al die berichten was o.a. de ongeloofwaardigheid dat zoiets zou kunnen gebeuren, tot ver na de oorlog waren er mensen die het niet konden of wilden geloven dat zoiets kon of had plaatsgevonden, tot op de dag van vandaag zijn er mensen die het ontkennen. Bijkomend was ook, dat iedereen moeite had met zijn eigen problemen, en de communicatiemiddelen ook niet voorhanden waren, en wat wel voorhanden was zoals kranten etc. niet betrouwbaar was door de propaganda.

Onbegrijpelijk mis het ook, dat niet de spoorwegen zijn gebombardeerd, waarlangs de joden vanuit Westerbork naar Duitsland en of Polen zijn afgevoerd. Onbegrijpelijk ook dat men hele binnensteden heeft gebombardeerd met vrijwel enkel burgerslachtoffers, denk daarbij aan Dresden. Een militaire reden ontbrak vrijwel in zijn geheel geheel.

Nu is het Emsland erg in trek als woonomgeving voor vele Duitsers uit het Ruhrgebied, zij ontvluchten de steden, en zoeken de rust en de natuur, evenals vele Nederlanders die net over de grens zich hier vestigen, en niet alleen gepensioneerden, maar ook vele werkenden die hier neerstrijken.

Ook doen vele Nederlanders hier hun inkopen, gezien de vele gele nummerborden die men op de parkeerplaatsen kan zien staan bij de supermarkten.

Een andere bevolkingsgroep zijn de zogenaamde Wit Russen, een verkeerde benaming overigens, want het zijn van oorsprong allen Duitsers, maar naar het Oosten vertrokken om daar hun brood te kunnen verdienen als bijv. handwerkslieden die hun vak verstonden en in de  tijden van het Tsaristische bewind erg gewild waren. Maar toen Stalin na de Russische revolutie aan de macht kwam, vervielen velen tot ongewenste personen en werden naar verre oorden zoals Siberië en andere onherbergzame oorden verbannen.

Het is ook een lange tijd niet goed gekomen tussen de Russen en de Duitsers, Stalin en Hitler konden elkaar niet luchten of zien, terwijl zij onderling wel een niet aanvalsverdrag hebben afgesloten, die naar later bleek geen enkele waarde had, en de 2e wereldoorlog heeft dan ook tegen en door beide bevolkingsgroepen ongekende wreedheden laten zien.

Het ging zelfs zover, dat de Duitsers op gegeven moment de zoon van Stalin die zij krijgsgevangen hadden gemaakt wilden ruilen ten generaal Paulussen, maar Stalin weigerde, hij had geen zoon, die  had zich dood moeten vechten, en had nooit krijgsgevangene mogen worden.

Maar bij het vallen van de muur in november 1989 is afgesproken, dat personen die konden aantonen dat zij Duitse voorouders hadden, mochten terugkeren naar Duitsland.

Hun nazaten zijn dan ook in grote getale teruggekomen, ondanks dat velen vaak de Duitse taal niet of nauwelijks meer machtig waren, zijn financieel ook erg ondersteund, wat nogal kwaad bloed heeft gezet onder de Duitse bevolking, omdat zij als belastingbetaler uiteindelijk voor de kosten moeten opdraaien. Daarbij kwam natuurlijk na de blijdschap van de hereniging, ook nog eens de financiële offers die mede daardoor gepaard gingen.

Terwijl de integratie moeizaam verloopt, omdat zij gewend aan het oude systeem en oude gewoonten erg op zichzelf zijn, en zich moeizaam onder de bevolking mengen, en zij wonen vaak in elkaars nabijheid. Zij helpen elkaar met alles, bouwen hun eigen huizen met alle beschikbare eigen middelen en met hulp van familieleden.

Wel hebben de meesten zich zover mogelijk van de Russische grens nieuw gevestigd, er zijn plaatsen, waar 20% van de inwoners zogenaamd Wit Rus is.

Nederlanders daarentegen zijn wel weer welkom, de Duitsers zeggen zelf, de Wit Russen kosten geld, en de Nederlanders brengen geld mee, en integreren meer als wie dan ook, nemen deel aan het hier nog bloeiende verenigingsleven, en taalproblemen zijn ook minder storend aanwezig.

Anton Heijmerikx, Lathen

2 Comments

  1. willem kleijn
    februari 13, 2011

    Hallo, met interesse je stuk over Emsland gelezen. Ik ben bezig met een onderzoek naar V1’s die door verschillende getuigen uit Veendam zijn gezien in die periode, komend vanuit NO en vliegend richting ZW (Antwerpen/brussel). Hierover is in de bekende V1 literatuur echter helemaal niets terug te vinden!!
    Ik heb de volgende vragen en ben benieuwd of U een antwoord heeft:
    Is er bij U iets bekend over het afschieten van V1’s eind 44-begin 45 vanuit Emsland?
    Het enige dat ik tot nu toe gevonden heb is:
    – bij Altenwalde (bij Stade) zijn vanaf ’44 proeven genomen met V1’s met groter bereik (nl 375 km, de zg. ‘Langstreckenzellen’). Het is bekend dat er V1’s zijn afgeschoten richting het wad. Mogelijk ook operationele tests in ZW- richting nadat Antwerpen bevrijd was (4-9-44)?
    – er wordt ergens melding gemaakt van een ‘ausgebombte V2 Abschussrampe’ bij de Zwischenahnersee (dit moet dan haast wel een V1 Abschussrampe zijn, de V1 werd immers rechtstandig gelanceerd). Is U bekend waar dit zou kunnen zijn?
    – het gebied rond Oldenburg (Varel-Oldenbrug-Edenwerdt-Barssel-Apen) , kodenaam ‘Zieten I’ was benoemd tot terugtrekkingsgebied voor de I. 155 Flakabteilung die vanuit regio Twente V1’s afschoot. Bevel tot terugtrekking is 30 maart gegeven (start ‘Operatie Lützow’). Volgens de experts die ik tot nu toe heb geraadpleegd heeft deze eenheid niet meer geschoten vanuit het nieuwe operatiegebied.
    -in het dorp Horsten is sept.44 sprake vd komst van ‘zware rupsvoertuigen, mogelijk behorend tot een V-wapen eenheid’. Mogelijk ter voorbereiding van het hiervoor genoemde?
    vast bedankt voor uw hulp!

  2. j. klooster
    januari 26, 2013

    Het is waarschijnlijk niet van veel waarde wat ik U heb te bieden, maar toch wil ik niet nalaten U te melden dat ik in de periode die U noemt, te weten eind 44, begin 45, 2 of 3 maal een lancering heb gezien. Ik woonde toen in Nieuweschans. Wij woonden aan de rand van het dorp en aan het einde van onze straat had men een vrij uitzicht op het open veld. Wat ik zag was een rechtstandig opstijgend “ding” dat vrijwel meteen daarna naar links of rechts afboog en daarna zijn vlucht horizontaal vervolgde. Ik heb nog nooit iemand gesproken die dat ook had gezien. Bij gelegenheid noem je dit aparte verschijnsel nog een paar keer en dan zwijg je erover Ik heb nog niet gezegd dat ik dit zag in de richting Emden.

Geef een reactie