heijmerikx.nl

Information

This article was written on 13 dec 2008, and is filled under Religie.

Current post is tagged

Alle pausen tot heden (deel 4/5)

191 Coelestinus V 1294 Hij leefde als kluizenaar op de Monte Murrone met enige metgezellen. Omdat de nieuwe pauskeuze ging tussen de twee strijdende families Orsini en Colonna, en al lange tijd slepende was, stelde koning Karel II van Anjou deze abt als paus voor, als buiten de partijen staande. De totaal onervaren en wereldvreemde monnik, trok zich bij voorkeur terug in zijn kloostercel te Castelnuovo, maar stond natuurlijk geheel onder de invloedsfeer van Karel II van Anjou. Hij vaardigde de conclaafregels weer in van 1274, en vaardigde een constitutie uit over de mogelijkheid en geldigheid van abdicatie op 10 december 1294, en trad af op 13 december 1294. Zijn opvolger Bonifatius VIII liet hem om ongeregeldheden te voorkomen tot zijn dood in een klooster opsluiten. Paus Clemens V laat hem heilig verklaren, feestdag 19 mei.
192 Bonifatius VIII 1294-1303 Hij was een der bekendste pausen van de middeleeuwen. Had grote invloed op zijn wereldvreemde voorganger. Toen deze terugtrad, en daar had Bonifatius zeker een groot aandeel in, werd hij eenstemmig gekozen.Hij kreeg te maken met de familie Colonna, die zijn ergste tegenstanders werden. Zijn streven naar herstel van de pauselijke macht, kwam uiteraard in botsing met de eveneens naar macht lustende nationale machten die in opkomst waren. Frankrijk onder Filips IV was er een van.
Vele bemiddelingspogingen heeft Bonifacius ondernomen, maar hij had daar weinig resultaat bij. In het conflict tussen Genua en Venetië (1295), de Duitse troonstrijd (1298), Hongaars-Boheemse troonstrijd (1301), Engeland-Schotland (1301) en Sicilië (1303), en daardoor mislukten ook zijn plannen voor een grote kruistocht naar het H.Land. In de strijd tussen Engeland en Frankrijk protesteerde de paus tegen de hoge oorlogsbelastingen voor zijn kerk, Engeland gaf toe, maar Frankrijk nam maatregelen door uitvoerverboden, waardoor de paus inkomsten verloor. Een heiligverklaring van de grootvader van de koning van Frankrijk, Lodewijk IX (1297) bewerkstelligde hij een voorlopige vrede. Hij was het die het Heilig Jaar invoerde (1300) en vergrote daarmee zijn positie.
Filips van Frankrijk voerde een proces van hoogverraad tegen de bisschop van Pamiers, waarop Bonifatius een scherpe bul uitvaardigde (1301). Op de Romeinse synode, waar ondanks een verbod van Filips 39 Franse kardinalen aanwezig waren, werd een nieuwe bul voorbereid waarin kerkelijk recht werd uiteengezet, die in conflict waren met de wereldlijke zaken, lees de macht van de koning. Koning Filips hield daarop ook een synode op advies van zijn adviseur Guillaime de Nogaret (1303). Nog voor Bonifatius VIII, Pilips kon excommuniceren werd hij gevangen genomen en beledigd door Guillaime de Nogaret, en leden van de Colonnafamilie, die zich door de paus gepasseerd voelden. Hij werd bevrijd door de inwoners van Anagni, maar stierf kort daarna.

Pausen van de late Middeleeuwen, Avignon tijd, westers schisma
193 Benedictus XI 1303-1314 Hij was generaal overste van de Dominicanen, en bemiddelde tussen Filips IV van Frankrijk en Eduard I van Engeland (1298). Hij was als kardinaal aanwezig toen er een aanslag op zijn voorganger plaatsvond te Anagni, maar bleef deze trouw. Hij werd eenstemmig gekozen, en ontsloeg Pilips IV van Excommunicatie en verzoende zich zoveel mogelijk met hem. Hij haalde zich de woede op de hals door de kardinalen van de Colonnafamilie te verdrijven, en moest Rome daardoor verlaten. Zijn plotselinge dood werd aanleiding voor het gerucht, dat Guillaime Nogaret, die een aanhanger van de Colonafamilie was, hem vergiftigd zou hebben. Hij werd begraven in Perugia.
194 Clemens V 1305-1314 In de strijd tussen Filips IV en Bonifatius VIII steunde hij steeds de paus, maar bleef een goede relatie houden met de Franse koning. Hij was Fransman, en dat was misschien de reden, na hem zouden nog 6 Franse pausen op rij gekozen worden.
Hij trachtte nieuwe conflicten met Filips de Schone te voorkomen, en heeft 9 Franse kardinalen benoemd (1305), en zo de Franse invloed binnen het kardinalencollege. Hij heeft paus Coelestinus V heilig verklaart, en stemde op het concilie van Vienne toe in de opheffing van de orde der Tempeliers (Tempeliers waren leden van een Middeleeuwse religieuze, maar militaire ridderlijke orde, genaamd   ( Orde van de arme ridders van Christus). Hij kon met moeite een ketterproces tegen Bonifatius VIII voorkomen.
In 1309 vestigd hij zich te Avignon. Hij steunde eerst Hendrik VII van Luxemburg als keizerskandidaat, maar onder druk van Frankrijk en Napels draaide hij om, en dreigt hem zelfs met de ban over hem. Het Concilie van Vienne in 1311-1312, daar werd de orde van de Tempeliers afgeschaft, werden hervormingen doorgevoerd, werden verschillende dwalingen veroordeeld, werden beslissingen genomen in de Franciscaanse armoedestrijd , en besluiten genomen inzake kloosterhervormingen.
195 Johannes XXII 1316-1334 Hij was de bekendste Avignon paus, die zijn voorganger pas na twee jaar opvolgde, hij bleef in Avignon, en bouwde zo de Franse invloed danig uit. Hij was een energiek bestuurder, integer en vroom, maar tegelijk star en streng. Dat ondervond Lodewijk de Beijer die hij niet alleen versloeg in de slag bij Mahldorf (1222), maar ook excommuniceerde in 1224. Lodewijk de Beijer spande met tegenstanders van Johannes XXII samen, o.a. de Franciscaner spiritualen en de Colonna familie. Hij liet zich door Sciarra Colonna tot keizer kronen, en riep Nicolaas V tot tegenpaus. Dit paus keizerconflict, heeft tot grote beroering gewekt en een golf van tegen geschriften. Zijn eigen stelling over God aanschouwing herriep hij kort voor zijn dood, wat zijn tegenstanders hem tot ketterij deden beschuldigen. Thomas van Aquino werd door hem heilig verklaart.
195a Nicolaas V 1328-1330 Tegenpaus, door Lodewijk de Beijer benoemd, maar kreeg weinig of geen aanhang, en onderwierp zich spoedig aan Johannes XXII, maar werd tot zijn dood in Avignon vastgehouden.
196 Benedictus XII 1334-1342 Hij was lid van de Cisterciënzer kloosterorde, en abt van Fontfroide. Hij was de 3e paus te Avignon, en brak met de financiële en centralistische politiek, en hervormde de zielzorg. Cisterciënzers en Benedictijnen trachtte hij te hervormen door reorganisatie van de ordebesturen (1335 en 1336). Ondanks verzet, besloot hij te Avignon te blijven en niet naar Rome terug te keren. Hij begon te Avignon met de bouw van het Palais Vieux.
197 Clemens VI 1342-1352 Hij was kanselier van koning Filips VI van Frankrijk, en ook hij bleef te Avignon. Hij was een goed bestuurder en theoloog. Tijdens de pestepidemie in 1348 toonde hij grote persoonlijke moed. Hij was gedwongen door chronisch geldgebrek, de belastingen en provisiegelden drastisch te verhogen. In een slepend conflict met Lodewijk de Beijer greep hij in door hem voor afgezet te verklaren. Clemens VI bepaalde, dat elke 50 jaar een jubeljaar zou worden.
198 Innocentius VI 1352-1362 Hij was hoogleraar in het burgerlijk recht. Voor zijn benoeming tot paus, werd voor het eerst een kiescapitulatie opgesteld. Aan het hofleven te Avignon heeft hij getracht die te hervormen, hij steunde niet alleen kunstenaars, maar ook zijn familieleden. Om de terugkeer van de paus naar Rome te bevorderen, stuurt hij een militair staatsman Egidius Albornoz naar Italië, die de eenheid van de pauselijke staat hersteld. Hij protesteerde niet tegen Karel IV van Luxemburg, die regelde de keuze van de Duitse koning zonder inmenging van de paus (Gouden Bulle 1365). In de 100 jarige oorlog tussen Engeland en Frankrijk bemiddelde hij 1360 met de vrede van Bretigny. Zijn inquisitie optreden tegen de minderbroeders spiritualen bezorgde hem zware kritiek van Brigitta van Zweden.
199 Urbanus V 1362-1370 Hij was de beste Avignon paus, Fransman en was Benedictijner monnik van het klooster Chirac, werd abt van St.Viktor in Marseille, en had verschillende pauselijke gezantschappen bekleed toen hij tot paus gekozen werd. Hij streed tegen misbruik van de kerkelijke financiën, en streefde naar verzoening met de Grieken. Ondanks hevig verzet van o.a. de Franse curiekardinalen, keert hij terug naar het desolate Rome. De Pauselijke Staat werd door Albornoz in 1367 heroverd, en Urbanus V wilde dat weer tot het centrum van de Christelijke wereld maken. Door de moeilijke situatie in Rome, is hij noodgedwongen terug te keren naar Avignon in september 1370.
200 Gregorius XI 1370-1378 Hij was de laatste Franse paus in het rijtje van 6. Hij zwichtte voor de aandrang van Catharina van Sienna, om de pauszetel weer te verplaatsen naar Rome, waar hij oorspronkelijk thuishoorde.
201 Urbanus VI 1378-1389 De eerste paus van het Westers schisma. Hij was hoofd van de pauselijke kanselarij. Bij een uiterst turbulent conclaaf dat na 75 jaar weer in Rome werd gehouden, eisten de Romeinen een Romeinse paus, of minstens een Italiaan. De 16 aanwezige kardinalen, waarvan 11 Franse kardinalen kozen Urbanus VI (een Prignano, lid van een zeer invloedrijke Romeinse familie, en geen kardinaal) tot paus. Hij was de laatste niet kardinaal die tot paus gekozen werd. Zijn ijver en zijn gebrek aan tact zijn onbetwistbaar. Op 9 augustus 1378 verklaren 13 niet Italiaanse kardinalen hem ongeschikt, met als argument dat de keuze niet vrij was geweest. Zij kozen op 20 september 1378 een nieuwe paus Clemens VII, die zich na een mislukte aanval op Rome, opnieuw te Avignon vestigde, en daarmee was het westers schisma een feit tot 1417. Zijn 9 resterende jaren besteed Urbanus aan de politieke strijd om Napels, en zijn achtervolging van zijn tegenstanders, de kardinalen die hem onder curatele wilden stellen, letterlijk tot aan zijn dood toe. Zijn pontificaat is voor geschiedschrijvers onoplosbaar wat geldigheid betreft, omdat de kardinalen zeker gedurende zijn begin periode de schijn van geldigheid gegeven hebben
201a Clemens VII 1378-1394 Tegenpaus onder het Westers Schisma Hij was legaat onder Gregorius XI, en maakte zich daar berucht door zijn optreden, een bloedbad te Cesena (1377). Hij koos aanvankelijk Urbanus VI tot paus, maar niet Italiaanse kardinalen, en daar was hij ook bij, bepaalden 5 maand later die keuze ongeldig. Na een mislukte aanval op Rome, vestigde hij zich in Avignon, waar hij de steun kreeg van Karel V van Frankrijk aan wie hij verwant was. Evenals Urbanus VI, heeft hij zich niet ingespannen om het Westers Schisma op te lossen. Hij was zeer begaafd, maar zijn royale levensstijl en zijn daarmee gepaard gaande financiële praktijken, bezorgden hem vele vijanden.
202 Bonifatius IX 1389-1404 Paus onder het Westers schisma, die kardinaal geworden was onder Urbanus VI, en diens opvolger, gekozen door 14 kardinalen van de Romeinse aanhang. Ondanks beloften deed ook hij geen serieuze pogingen het schisma op te heffen, evenals zijn voorgangers. Door bedenkelijke financiële praktijken wist hij zijn invloed zelfs te vergroten.
202a Benedictus XIII 1394-1424 Tegenpaus onder het Westers Schisma, en aanhanger van Clemens VII, die hem vaak als legaat uitzond. Hij was een geleerde professor in het canonieke recht en werd kardinaal in 1375. Overtuigd van de geldigheid van zijn pauskeuze, weigerde hij mee te werken aan een oplossing van het Westers Schisma, alhoewel hij wel in gesprek probeerde te komen met Innocentius VII, die hem weer niet wilde tegemoet komen. Toen Frankrijk hem de gehoorzaamheid opzegde, werd hij een gevangene in zijn eigen pauselijk paleis (1398-1403) Toch zag hij kans te vluchten, en hield een synode te Perpignan, maar werd uiteindelijk op het concilie van Pisa (1409) afgezet, maar hij heeft zich tot zijn dood, bijna door iedereen verlaten, altijd verdedigd als paus.
203 Innocentius VII 1404-1406 Hij had voor zijn pauskeuze gezworen, om het Westers Schisma proberen op te lossen, maar eenmaal gekozen kwam daar niet veel van terecht. Koning Karel I van Napels had grote invloed op hem, zodat die het eigenlijk voor het zeggen had in Rome. Hij steunde veel Humanisten, en gaf zijn steun aan de universiteit van Rome.
204 Gregorius XII 1406-1413 De laatste Romeinse paus van het Westers Schisma, die beloofde te zullen bedanken, als de paus in Avignon Benedictus XIII hetzelfde zou doen. Maar dat gebeurde dus niet. Het Concilie van Pisa (1413) zet hen beiden af, maar beiden weigeren. Het concilie van Konstanz (1415) zet hem onder druk, waar hij aan toegeeft, maar eerst nog verklaart hij tevergeefs het concilie legitiem. Als dank voor zijn medewerking, benoemt het concilie hem als legaat voor het leven, maar overlijd nog voor er een nieuwe paus gekozen is.
204a Alexander V 1409-1410 Tegenpaus, die werd gekozen nadat tegenpaus Benedictus XIII en de gekozen Gregorius XII beiden door het concilie van Pisa (1413) werden afgezet, en hij Alexander V tot een geschikte compromis opvolger bevonden werd. Beide afgezette pausen stoorden zich niet aan hun afzetting, en ongewild was Alexander V de derde paus, in een onbeschrijflijke periode van verwarring, die twee jaar duurde. Of hij nu tegenpaus, of een geldig gekozen paus was, is toen en ook nu niet te beantwoorden, wel is de volgende Alexander, Alexander VI genoemd.
204b Johannes XXIII 1410-1415 Hij was kanselier van tegenpaus Alexander V, was al curiekardinaal onder Bonifatius IX. Hij scheidde zich met een groep kardinalen af van Gregorius XII, en steunde het concilie van Pisa die Alexander V tot tegenpaus koos, en wiens opvolger hij werd. 4 jaar regeerde hij naast Gregorius XII, totdat hij uit Rome werd verdreven in 1413, en hij instemde onder druk van koning Sigismund met een nieuw concilie, dat van Konstanz. Dat concilie was nodig, omdat op dat moment er 3 pausen waren, die geen van allen terug wilden treden ondanks uitspraken daarover. Hij vluchtte verkleed als stalknecht uit Konstanz, om zo, zonder zijn aanwezigheid het concilie onwettig te verklaren. Dit werd hem noodlottig, het concilie keerde zich tegen hem, en hij werd gevangen genomen en zette ook hem af op 29 mei 1415. Pas in 1419 werd hij vrijgelaten, en hij onderwierp zich aan paus Martinus V, die in zijn plaats gekozen was.
Het Concilie van Konstanz in 1414-1418, werd het westers schisma opgeheven, werd de leer van Hus (kerkhervormer) veroordeeld, en werden hervormingsmaatregelen doorgevoerd.
205 Martinus V 1417-1431 Hij was onder Urbanus VI al aan de curie verbonden, heeft vele pausen en tegenpausen meegemaakt, en steunde eerst de reguliere pausen van Rome, maar later ook tegenpaus Alexander V en tegenpaus Johannes XXIII. Op het concilie van Konstanz, die nodig was om de eenheid van de Katholieke kerk te herwinnen, werd hij na lang debatteren bij de 4e zitting die hij zelf voorzat, gekozen tot paus op 11 november 1417. Hij slaagde erin, om het pauselijk gezag dat zwaar geleden had onder het Westers Schisma te herstellen, door de aangenomen bepalingen correct uit te voeren. Hij riep een concilie uit te Pavia 1423, die door gebrek aan deelnemers overigens geen doorgang kon vinden, en een concilie te Basel 1431, die door zijn overlijden door zijn opvolger werd geopend. Kerkhervormingen werden door hem in gang gezet, maar het concilie van Basel was aanleiding om een en ander niet door te zetten. De stichting van een Leuvense universiteit werd door hem goedgekeurd 9 december 1415.
205a Clemens VIII 1423-1429 Tegenpaus van 1423 tot 1429, hij werd door 3 van de 4 hem trouw gebleven kardinalen gekozen tot paus, toen Alfons V van Aragon zijn steun aan hem introk, trad hij af, en werd bisschop van Mallorca.
205b Benedictus XIV 1425 Tegenpaus die is gekozen door de 4e kardinaal Jean Carrier in het geheim op 12 november 1425. Hij is onbekend gebleven, en mogelijk heeft hij weinig of geen gebruik gemaakt van zijn keuze, en is wellicht rond 1430 afgetreden of gestorven. Rond Toulouse overigens, zijn rond 1467 nog aanhangers van hem te vinden.
206 Eugenius IV 1431-1447 Hij was lid van de Augustijner kloosterorde, neef van Gregorius XII, die hem bisschop (1407), en kardinaal (1408) maakt. Hij miste in zijn geheel de diplomatieke gaven die voor een paus noodzakelijk zijn, en kwam al spoedig in botsing met zijn eigen kardinalen, waardoor hij zelfs Rome van 1434 tot 1443 moest verlaten. Hij riep een concilie bijeen te Basel in juli 1431, en in december 1431 weer ophief, in december 1433 toch erkende, maar in september 1437 overplaatste naar Ferrara. En weer later naar Florence, waar hij de eenheid met de Grieken wist te herstellen. Hij deed concessies, om zich te handhaven tegenover zijn tegenpaus Felix V die te Basel gekozen was. Het Concilie van Basel-Ferrara-Florence van 1431 t/m 1443. Dit Concilie bracht grote spanningen teweeg tussen de conciliegangers en de paus, welke laatste dan ook het Concilie verplaatste van Basel naar Ferrara in 1437 en later naar Florence in 1439. Tijdelijke werd een Unie gesloten met de Grieken en Armeniërs in 1439, en in 1442 met de Jacobieten.
206a Felix V 1439-1449 Tegenpaus en eigenlijk Amadeus VIII van Savoye, aanvankelijk graaf, maar sedert 1416 hertog van Savoye. Hij was gehuwd in 1403 met Maria van Bourgondië, dochter van Philips de Stoute en Margaretha van Male. Amadeus heeft een groot deel van zijn leven het huis van Savoye groot gemaakt, hij verwierf geheel Piëmonte en in 1432 verkreeg hij het gebied van Monferrato. Op oudere leeftijd trok hij zich met enkele gezellen terug aan het meer van Genève, en leidde daar een streng kloosterleven. Op het concilie van Basel werd tot tegenpaus gekozen,om te trachtten een einde aan het Westers Schisma te maken. Hij trad vrijwillig af in 1449, en overleed te Geneve op 7 januari 1451.

Pausen van de Renaissance
207 Nicolaas V 1447-1455 Hij werd na 20 jaar curiedienst tot kardinaal benoemd door Eugenius IV, en werd 1 jaar later diens opvolger. Hij bracht een verzoening tot stand met tegenpaus Felix V, en beëindigde het Concilie van Basel-Ferrara-Florence, welke al in 1431 was begonnen. Ook met Fredrik III van Habsburg sloot hij vrede en kroonde hem in 1452 tot keizer (dit was de laatste keizerskroon te Rome). Zijn pogingen om de opmars van de Turken te keren mislukte, evenals een oproep tot een nieuwe kruistocht.
Zijn grootste daad, was Rome weer als centrum van wetenschap en schone kunsten op de kaart te zetten. Hij verwierf ruim 800 codices, en legde daarmee de grondslag voor de Vaticaanse bibliotheek, Bibliotheca Vaticana. Hij ontbood en ontving gerenommeerde kunstenaars naar en in Rome. Een gebrek en gemiste kans in zijn pontificaat was, zijn gebrek om hervormingen door te voeren, ondanks zijn vriendschap met grote hervormers als Johannes van Capestrano en Nicolaas van Cusa.
208 Calixtus III 1455-1458 Alfonso de Borja, stammend uit een aanzienlijke familie nam hij de pausnaam Calixtus III aan. Hij deed verwoede pogingen, om kruistochten te organiseren tegen de macht van Mohammed II , die Constantinopel in 1453 bezet had. Hij slaagde er niet in, om nationaal denkende Europese vorsten ertoe te bewegen in actie te komen. Enkel bij Belgrado (1456) werden de Turken teruggedrongen. Calixtus III schonk weinig aandacht aan kunst en wetenschap, wat hem de woede van de humanisten op de hals haalde. Het rehabilitatieproces van Jeanne d’Arc werd door hem in gang gezet, en met een vrijspraak op 7 juli 1456 beëindigd. Zijn nepotisme (toekennen van ambten en gunsten aan familie en verwanten, en in dit geval Catalaanse landgenoten) was ergerlijk.
209 Pius II 1458-1464 Hij was een van de beroemdste Humanisten van zijn tijd toen hij tot paus werd gekozen. Zijn geschriften waren bestsellers in zijn tijd en ver daarna. Hij had een groot aandeel gehad in het eerste deel van het concilie van Basel door zijn gematigdheid. Steunde aanvankelijk tegenpaus Felix V, maar bedenkt zich omstreeks 1445 en keert zich af van het Basels schisma, en wordt vervolgens bisschop van Triest in 1447 en Sienna in 1449, en kardinaal in 1456, twee jaar later gekozen tot paus. Zijn pontificaat werd beheerst door twee zaken, de hervormingen van de curie 1464, (voorbereid door zijn vriend Nicolaas van Cusa, een schipperszoon uit Bernkastel-Kues in Duitsland). En de verdediging van het Christelijke Europa tegen de Turken. Op het vorstencongres werd inderdaad tot een kruistocht besloten, maar politieke verwikkelingen in Frankrijk, Duitsland en Hongarije verhinderden dit besluit.
Tenslotte, stelt hij zichzelf aan het hoofd van een kruistocht, maar wachtend op de Venetiaanse vloot sterft hij in de haven van Ancona.
210 Paulus II 1464-1471 Hij werd door zijn oom Eugenius IV tot kardinaal benoemd in 1440. naast zijn titelkerk van San Marco, liet hij een paleis bouwen voor eigen bewoning het Palazzo Venezia 1455 (momenteel museum). Hij bracht het aantal goed betaalde Humanistische functies aan de curie (1464) onder zijn voorganger ontstaan terug. De humanist Platina werd wegens dreiging onder Paulus gevangen genomen, en schilderde hem af als barbaar en vijand van de kunst, t.a.v. de bouwkunst is dit gegeven in elk geval niet waar. Hervormingen, die dringend noodzakelijk waren, en bindend waren afgesproken tijdens een conclaaf in 1464, heeft hij niet doorgevoerd.
211 Sixtus IV 1471-1484 Hij was minderbroeder, en werd in 1464 generaal-overste van zijn orde. Paulus II benoemde hem in 1467 tot kardinaal en op 9 augustus 1471 zijn opvolger. Door zijn gebrek aan ervaring, werd van zijn goedheid en vertrouwen misbruik gemaakt, o.a. door zijn ordegenoten die verschillende privileges verwierven, en door het aantal Mariafeesten te doen uitbreiden. Ook maakte zijn familie schromelijk misbruik door zich door geld, goederen en kerkelijke ambten en waardigheden op te eisen, waar hij geen weerstand aan kon bieden. Zijn neef Guilliano de Rovere (later paus Julius II) en minderbroeder Pietro Riaro (driemaal bisschop, twee maal aartsbisschop, patriarch van Constantinopel, en later kardinaal) waren de beruchtste. Pietro Riaro, bijgenaamd demon van de paus, die de pauselijke staat uitputte door zinloze oorlogen met Ferrara en Napels, en die de paus Sixtus IV zwaar compromitteerde met diens aandeel op de moord op Guilliano de Medici tijdens de Pazzi-samenzwering in Florence 1478. (Pazzisamenzwering, aanslag op Guilliano de Medici, broer van Lorenzo de Medici bijgenaamd il Magnifico, welke beiden de politiek van hun vader Piero I de Medici voortzetten van machtsopbouw, door tegenstanders uit de weg te ruimen, en de kleine man door gunsten voor zich te winnen. Dit leidde tot samenzwering van de oude adel, waardoor onder leiding van de oude Florentijnse familie Pazzo een aanslag op Guilliano de Medeci werd gepleegd, die daarbij vermoord werd, en Lorenzo de Medici gewond.
Lorenzo nam onmiddellijk wraak, en de vrijwel gehele familie Pazzi werd vermoord en uitgeroeid. De paus deed Lorenzo de Medici in de ban, en vroeg de koning van Napels om Lorenzo de oorlog te verklaren. Lorenzo de Medici ging met Ferdinand van Napels onderhandelen, en de vrede werd herstelt in 1480. Lorenzo streefde naar een verbond van de Italiaanse staten, om zo een vuist te kunnen maken tegen bijv. Franse invasie, en hij slaagde daarin.). Familievetes tussen de familie’s Orsini, Colonna en later Borgia, waren dankzij nepotisme (vriendjes politiek) schering en inslag, en koste zoveel geld dat de aflaten vermeerderd, en de kosten voor kerkelijke diensten moesten worden verhoogd.
Een vroegere studiegenoot de dominicaan Andreas Zamometie, en aartsbisschop van Granea, poogde om aan die misstanden een einde te maken. Gebrek aan samenwerking met keizer Frederik III deed deze poging mislukken. Paus Sixtus liet schilder Botticelli in de Sixtijnse kapel een fresco van zijn persoonlijke triomf te laten vervaardigen. Hij stond de Katholieke koningen van Spanje het gebruik van de inquisitie toe. Omdat hij voor de stad Rome zoveel grootse opdrachten en uitgaven had gedaan, kreeg hij de eretitel Instaurator Urbis (inrichter van de stad). Of de gewone man die een en ander moest betalen en opbrengen dat ook vond, heb ik niet kunnen vinden. Het 1e hoofd van de Vaticaanse Bibliotheek werd de Humanist B.Platina 1475.
212 Innocentius VIII 1484-1492 Hij werd na een roerig studentenleven bisschop in 1467, en kardinaal in 1473. In het roerige Rome, waar Rodrigo Borgia (latere paus Alexander VI) en Guilliano della Rovereo (latere paus Julius II) elkaar bestreden om de paus kandituur, ging Giovanni Battista Cibo met de winst lopen, en werd gekozen tot paus op 29 augustus 1484.
Hij was ziekelijk, onzelfstandig en bepaald niet hervormingsgezind. Bovendien was hij financieel afhankelijk van geldschieters, in dank voor zijn steun aan kunstenaars en humanisten. Met dat geld liet hij het Vaticaanse Belvedère bouwen. En gebruikte hij veel geld voor de Vaticaanse huwelijksfeesten van zijn kinderen en kleinkinderen. Zijn zoon huwde met de dochter van Lorenzo il Magnifico (de Medici), die haar broertjes zijn zoon Lorenzo tot kardinaal liet benoemen (later paus Leo X). Hij keurde de heksenjacht en de heksenprocessen goed in 1484, door te verklaren dat heksen bestonden.
213 Alexander VI 1492-1503 Als Rodrigo de Borgia uit een vooraanstaande familie, nam hij de pausnaam Alexander VI aan. Hij werd paus mede dankzij zijn oom paus Calixtus III. Hij slaagde tijdens 4 achtereenvolgende pontificaten van zijn voorgangers erin, om zoveel kennis, maar vooral macht en rijkdom te vergaren, dat hij in staat was het pausdom te kopen 11 augustus 1492. Als een typisch renaissancepaus, begaafd, welsprekend, innemend en een bekwaam politicus paste hij in het Rome van de 15e eeuw. Voor de pauselijke staat is zijn pausschap niet slecht geweest, zeker financieel niet. Zijn zwakte lag in de grenzeloze toegeeflijkheid t.a.v. zijn kinderen (Giovanni, Cesare, Jofre en Lucretia uit zijn huwelijk met Vanozza de Cataneis, en tijdens zijn pontificaat zijn nog twee kinderen geboren, bij Giulia Farnese). Daardoor is zijn pausschap vanuit geestelijk oogpunt gezien sterk gedevalueerd. Door zijn verbond met Napels, zag koning Karel VIII van Frankrijk zich genoodzaakt om Italië binnen te vallen, door Girolama Savonarola (aanvankelijk boeteprediker van de orde der Dominicanen, maar vanaf 1494-1498 de machtigste man in Florence) als redder begroet. Door een alliantie af te sluiten met Maximiliaan van Oostenrijk, Ferdinand van Castilië, Venetië en Milaan, wist Alexander dit te keren, en excommuniceerde Savonarola in 1497.
214 Pius III 1503 Hij was paus van 27 dagen, en een neef van Pius II die hem benoemde tot aartsbisschop en kardinaal (1460) van zijn geboortestad Sienna. Hij was evenals zijn oom Humanistisch gezind, en vertegenwoordigde onder 4 pontificaten de hervormingsgezinden binnen het kardinaalscollege. Hij protesteerde als een der weinigen tegen de manipulaties van zijn voorganger Alexander VI, en werd als compromiskandidaat gekozen op 22 september 1503, maar stierf nog geen maand later tot wanhoop van alle hervormingsgezinden.
215 Julius II 1503-1513 Hij had als bijnaam la terrible de geweldige, en een der belangrijkste renaissancepausen. Hij was een neef van Sixtus IV, die hem in 1471 tot kardinaal benoemde. Hij ageerde tegen de aanhangers van de Borgia familie. Hij had maar een doel voor zijn pontificaat, een sterk pausschap en een sterke pauselijke staat. Door wisselende samenwerking en bondgenootschap, wist hij Perugia, Bologna, Parma, Picenza en het gebied van de Romagna onder pauselijk gezag te krijgen, en fundeerde zo voor lange periode de financiële en politieke macht van het pausschap. Frankrijk en Maximiliaan, keerden zich tegen Spaanse invloeden in Italië, en probeerden door een concilie bijeen te roepen het tij te keren, maar Pius riep zelf een concilie bijeen, het V Lateraanse concilie.
Voor religieuze aspecten had hij minder aandacht dan voor de renaissance glorie voor Rome en het pausschap.
Het concilie van Lateranen V 1512-1517 onder twee pausen, was een antwoord op het door de Fransen als schismaconcilie van Pisa, en veroordeelde de conciliaire theorie. Doorvoering van hervormingen.
216 Leo X 1513-1521 Hij was een zoon van Lorenzo il Magnifico de Medici, humanist en al in 1489 kardinaal door Alexander VI, pas 14 jaar oud. Paus op 38 jarige leeftijd, die zonder enthousiasme het concilie voortzet van zijn voorganger. Hij was meer geïnteresseerd in kunst en letteren. Opdrachten aan kunstenaars als Rafael, Michelangelo, en uitbreiding van de Vaticaanse bibliotheek, hervormingen aan de universiteit van Rome, en grote feesten. Politieke intriges tussen Frankrijk, Spanje en Italië, speelden in zijn pontificaat ook een grote rol. Met Hendrik VIII van Engeland stond hij op goede voet. Zijn eigenlijke taak, om hervormingen binnen de kerk door te voeren, verwaarloosde hij schromelijk, en het optreden van Luther (1517) heeft hij volkomen onderschat en totaal miskend, en Luther op 3 januari 1521 geëxcommuniceerd. Ook heeft hij 31 nieuwe kardinalen benoemd, en zo zijn macht geconsolideerd.
217 Adrianus IV 1522-1523 Eigenlijk Adriaan Florensz Boeyens, de 1e en enige Nederlandse paus geboren 2 maart 1459 te Utrecht, die studeerde in Zwolle aan de Latijnse school, en aan de universiteit van Leuven van 1478-1491, waar hij van 1491-1515 gezaghebbend professor was van de theologische faculteit. Hij werd opvoeder in 1507 van Karel V van Bourgondië, en werd naar Spanje gestuurd en bewerkte daar Ferdinand II, om zo geheel Spanje aan Karel te laten toevallen, en leidde in naam zo de regering (1516) samen met kardinaal Ximenes, en na diens dood alleen (1517) Hij werd bisschop van Tortosa (1516), en hoofd van de Spaanse inquisitie voor Aragon en Navarra in 1517, en in 1518 ook voor Castillië en Leen, en op 1 juli 1517 kardinaal. Nadat Karel uit Spanje vertrokken was, werd Adrianus zijn regent, wat hem veel problemen opleverde. Door zijn vriendschap en positie onder Karel V, werd hij na een moeizaam conclaaf tot paus gekozen 9 januari 1522, een conclaaf waar hijzelf niet aanwezig was. Pas in mei 1522 kwam hij na een zware reis in Rome aan. Als zijn voornaamste taak, zag hij het tegenhouden van de reformatie, het hervormen van de kerk, en het tegenhouden van de Turken. Ondanks zijn vriendschap met Karel V, probeerde hij een zo neutraal mogelijke koers te varen en positie in te nemen, maar kon dit tegenover de grote Karel de V, natuurlijk niet volhouden. Hij schreef aan Frans I van Frankrijk een wapenstilstand voor met Karel V, op straffe van excommunicatie en interdict (ontnemen van al zijn rechten). Dit leidde tot een volledige breuk met Frankrijk, en Adriaan heeft zich daarna aangesloten bij de anti Franse liga augustus 1523. Hij heeft geen al te belangrijke verbeteringen doorgevoerd, maar wel krachtig aan de Europese Vorsten de doorvoering van het Wormser edict geëist (benoeming van bisschoppen door de paus, en voorzien van wereldlijke macht door de vorsten). In Rome en ver daarbuiten, was hij door zijn sobere levenswijze en als stijve noorderling, en met zijn geringe belangstelling voor kunst, kunstenaars, humanisten en de renaissance, in tegenstelling tot zijn prachtlievende voorganger, erg gehaat. Erasmus zijn landgenoot en humanist, heeft hij naar Rome uitgenodigd, maar die weigerde. Al tijdens zijn kardinaalschap, gaf hij opdracht om voor hem een huis te laten bouwen in Utrecht (1517), het later genoemde Paushuis, om daar ongetwijfeld zijn oude dag te kunnen doorbrengen, maar hij overleed in Rome, en ligt begraven in de Santa Maria dell Anima, waar zijn enige tot kardinaal benoemde en vriend Willem van Enckevoirt het praalgraf liet maken. Al met al was dit voor Adrianus geen gelukkig pontificaat.
218 Clemens VII 1523-1534 telg uit de Medici familie, en neef van Leo X, die hem in 1513 aartsbisschop van Florence maakt 35 jaar oud. Hij probeert Frans I te steunen, om zo de Spaanse druk op Italië, onder zijn voorganger ontstaan, tegen te gaan, wat mislukt. Zijn aansluiting bij de Liga van Cognac (Engeland, Karel V, Venetië, Florence, Milaan en de paus), leidde tot inneming van Rome door de keizerlijke troepen (1527) en de gevangenneming van de paus Clemens VII. De keizerskroning van Karel V was een schijnvrede (1530).
Hij toonde een zwakke houding tegen de sterk uitbreidende reformatie vooral in Duitsland, zijn weigering om een concilie bijeen te roepen, en de excommunicatie van Hendrik VIII van Engeland in 1533, en daardoor afsplitsing van Engeland (Anglicaanse kerk). Zijn geldgebrek was oorzaak van beperking van uitbreiding van kunst en wetenschappen, wel gaf hij Michelangelo de opdracht voor de Medicikapel, en het laatste oordeel te schilderen in de Sixtijnse kapel.

Pausen van de Katholieke Herleving
219 Paulus III 1534-1549 De eerste paus, die daadwerkelijk hervormingen doorvoerde. Hij werd kardinaal in 1493 op 25 jarige leeftijd door Alexander VI, die de vroegere minnaar was van zijn zus Guilla la Bella Farnese, en na een conclaaf van 2 dagen werd gekozen. Toch een renaissancepaus, die ook de schone kunsten en wetenschappen wist te waarderen, en genoot van het leven, gezien zijn 4 kinderen en vele vrienden. Hij vernieuwde op drastische wijze het kardinalencollege (1535, 1536, 1539 en 1542) door daarin figuren op te nemen als Fisher, Morone, Cervini, Contarini, Carafa, Pole, bisschoppen die de contrarevolutie in gang zetten, als antwoord op de protestante reformatie. In totaal benoemde Paulus III 71 kardinalen, die tot in 1570 een overheersende rol hebben gespeeld binnen het kardinalencollege, en 4 van hen waren zijn opvolgers tussen 1550-1565. Zijn grootste opgave was het bijeenroepen van een concilie, welke met grote moeite tot stand kwam in 1545 en duurde tot 1563 onder drie pausen. Onder zijn pontificaat werd de Jezuïetenorde (1540) opgericht. Het schisma van Engeland werd officieel door de bekrachtiging van de excommunicatie van koning Hendrik VIII (1538) na zijn scheiding van Catharina van Aragon (1533), en zijn hertrouwen met Anna Boleyn en onthoofding wegens overspel (1536), huwelijk Jane Seymoer gestorven 1537, huwelijk met Anna van Kleef 1540 en gescheiden(1540) en huwelijk met Catharina Parr (1543).
Kunsthistorisch, was zijn pontificaat belangrijk, Michelangelo kreeg grote opdrachten, de voltooiing van het Palazzo Farnese, de koepelplannen van de St.Pieter kwamen tot stand, en het laatste oordeel in de Sixtijnse kapel door Michelangelo
Zijn natuurlijke zoon Pierluigi, wed door zijn vader benoemd tot hertog van Parma en Piazenza, maar bracht veel schade toe aan de pauselijke staat. Concilie van Trente 1545-1563 In drie perioden vanwege schorsingen, onder drie pausen. Concilie stond in het teken van het snel opkomend protestantisme, krachtig doorvoeren van hervormingen, vernieuwde en preciezere omschrijving van vele geloofspunten, zoals: over de schrift, erfzonde, sacramenten en heiligenverering.
220 Julius III 1550-1555 In een moeilijk conclaaf, waarbij de Engelse kardinaal Reginald Pole en hervormer, praktisch gekozen was, werd toch met behulp van de Farneseaanhangers Giovanni Maria del Monte gekozen, die de pausnaam Julius III aannam. Hij was en bleef hervormingsgezind, maar toch ook renaissancepaus, die trachtte de geloofseenheid te herstellen, en de Turken tegen te houden, en tevens kunst en wetenschap te bevorderen, en toch ook zijn familie te bevoordelen. Met behulp van Reginald Pole, de Engelse kardinaal wist hij toch de Engelse kerk te herstellen onder koningin Mary Tudor. Stuurde naar de Rijksdag van Augsburg in 1555 kardinaal Morone een hervormer, die echter na Julius dood moest terugkeren. Hij benoemde Michelangelo tot architect van de nieuwe St.Pieter, en Palestrina werd zijn nieuwe kapelmeester.
221 Marcellus II 1555 Het pontificaat van deze bijzonder geleerde en idealistische paus duurde maar 22 dagen. Hij wilde door zijn eenvoud bij zijn pauskroning, niets weten van feestelijkheden, en zodoende bleef het door Pier Luigi da Palestina (componist en kapelmeester onder zijn voorganger benoemd)gecomponeerde Missa Papae Marcelli dan ook op de plank liggen, en werd niet uitgevoerd.
222 Paulus IV 1555-1559 Hij was vurig voorstander van radicale hervormingen, medestichter van de strenge Orde der Theatijnen. Paus Paulus III maakte hem kardinaal, en hoofd van de Romeinse inquisitie, waar hij streng optrad tegen alles wat ook maar naar ketterij zweemde. Al 79 jaar oud werd hij door een groep hervormingsgezinden tot paus gekozen. Zij werden erg teleurgesteld, vanwege de strengheid waarmee Paulus zijn idealen doorzette. Van doorzetten van het concilie van Trente, welke nog lopende was, wilde hij niets weten, hij wantrouwde alles en iedereen. Zijn neef Carlo Caraffa gewetenloos en zijn vertrouweling, zag in de inquisitie een geweldig wapen, om alles en iedereen te onderdrukken wat niet orthodox leek. Zijn haat tegen Spanje, dreef Paulus IV tot bondgenoot van Frankrijk, waarop Spanje’s Alva de pauselijke staat binnenviel. Zijn houding en zijn strenge optreden, zeker ook inzake de inquisitie, hebben de kerkhervormingen geen goed gedaan. De herindeling van de Nederlanden in 14 bisdommen, was voor de Nederlanden een belangrijke gebeurtenis (1549)
223 Pius IV 1559-1565 Een zoon van een medicus, soms verward met iemand uit het Medici-geslacht, jurist en onder Paulus III vervulde hij diverse pauselijke legaten. Na een conclaaf van 4 maanden gekozen als opvolger van de strenge Paulus. De inquisitie maatregelen van zijn voorganger heeft hij spoedig grotendeels ongedaan gemaakt. Hij wist de politieke verhoudingen met Keizer Ferdinand van Habsburg, en Filips II van Frankrijk te herstellen. Een van zijn belangrijkste daden, was de heropening na schorsingen, van het concilie van Trente (1562) en het eerherstel en de benoeming van kardinaal Morone tot verantwoordelijk legaat, zodat het concilie na 10 jaar schorsing eindelijk tot een goed eind en resultaat kon leiden. Dank zij de adviezen van zijn neef Carolus Borromaes, heeft Pius IV werk gemaakt van de uitvoering van de besluiten van het concilie van Trente. In 1564 kwam het credo als officiële geloofsbelijdenis van de Rooms Katholieke kerk gereed.
224 Pius V 1566-1572 Kloosterling der Dominicanen, en sinds 1550 verbonden aan de Romeinse inquisitie, werd onder paus Paulus IV kardinaal (1557) en grootinquisiteur (1558). Onder zijn voorganger de mildere paus Pius IV viel hij in ongenade, maar door toedoen van o.a.Carolus Borromaeus tot diens opvolger gekozen. Krachtig heeft hij de besluiten van het concilie van Trente doorgevoerd. Tijdens zijn pontificaat verschenen verschillende concilie initiatieven, zoals Catechismus Romanus 1566, Breviarium Romanum 1568, Missale Romanum 1570. Hij hervormde de curie, en had veel zorg voor de priesteropleidingen in Italië, en liet streng optreden tegen misstanden onder de geestelijken en kloosters. Politiek was zijn pontificaat een mislukking, permanente ruzie met Spanje, en door zijn verscherping van regels, stootte hij vele vorsten tegen het hoofd. Hij verzwaarde ook de Engelse katholieken, en excommuniceerde onnodig Elisabeth Tudor van Engeland (1570).
De turken wist hij overigens met behulp van Venetië en Spanje in de zeeslag van Lepanto te verslaan (7 oktober 1571).
225 Gregorius XIII 1572-1585 Hij had een groot aandeel in de redactie van de hervormingsdecreten na het concilie van Trente. Mede onder invloed van Filips II van Spanje en kardinaal Granvelle van Frankrijk werd hij op 13 mei 1572 tot paus gekozen. Hij zet op mildere vorm het hervormingswerk van zijn voorganger voort. Hij steunt ook elk initiatief om de verloren gegane gebieden voor de kerk terug te winnen. Hij was verheugt om de verijdeling van het Hugenotencomplot (Hugenoten Franse Calvinisten), (zo werd hem de Bartholomeusnacht voorgesteld, waarbij in drie dagen ca. 20.000 hugenoten om het leven werden gebracht, aanleiding was een aanslag op de Hugenotenleider graaf de Coligny die overigens mislukte, en de roep om wraak van de in Parijs aanwezige Hugenoten ter ere van een bruiloft van een hunner voormannen Hendrik de Navarra. Maar voordat dat zover kwam, werden de Hugenoten afgeslacht). Ook steunde Gregorius XIII de Ierse opstandelingen en hun moordplannen tegen Elisabeth I van Engeland, en zijn adhesie aan de contrareformatie in de Spaanse Nederlanden en Duitsland. Hij steunde de Jezuieten. Hij bevorderde de kerkelijke wetenschap, voerde de Gregoriaanse kalender in (4 oktober werd 15 oktober 1582). Zijn financiële uitgaven voor Romeinse bouwwerken waren fors, en zijn opvolger Sixtus V had daar een hele kluif aan.
226 Sixtus V 1585-1590 Hij was van zeer eenvoudige komaf, en werd opgevoed in het klooster van de conventuelen te Montalto. Daar gebleven en ingetreden werd hij hun generaal overste in 1566, 45 jaar oud. Pius V, wiens biechtvader hij was, maakte hem kardinaal in 1570. Onder Gregorius XIII had hij minder invloed, maar werd toch diens opvolger in 1585. Waren zijn drie voorgangers bezig met de uitvoering van de besluiten van het Concilie van Trente, Sixtus V heeft de organisatie van de centrale leiding van de kerk als pauselijke staat fors aangepakt en die voor enige eeuwen mede bepaald. Na de leiding van de pauselijke staat, was de Romeinse curie aan de beurt, die totaal gereorganiseerd werd (1588) in 15 congregaties van kardinalen, met een aantal van in totaal 70 kardinalen. Deze congregaties werden duidelijk omschreven met werkterreinen en omschreven verantwoordelijkheden. Ook de plicht van elke bisschop om regelmatig een bezoek aan Rome te brengen, en verslag te doen van zijn werkzaamheden, werd opnieuw uitgevaardigd in 1585.
Hierdoor heeft Sixtus V de organisatorische basis neergelegd voor de vernieuwde kerk. Bovendien heeft Sixtus V een groots reorganisatieplan gemaakt voor de stad Rome, waardoor hij de grondlegger is geworden voor en van de barokke hoofdstad van de christenen.
Europees, steunde hij Filips II van Spanje die met zijn Armada’s (Oorlogsschepen) tegen Engeland, en de tegenstanders van Hendrik IV (Hugenoot en protestant) in Frankrijk.
Zelf had hij een bewerking uitgegeven en voor authentiek verklaarde revisie van de Vulgaat (Latijnse bijbel vertaling van Hieronymus), na het concilie van Trente verlangt, maar die door zijn opvolger ijlings is ingetrokken.
227 Urbanus VII 1590 Hij was paus van maar 12 dagen alvorens hij overleed aan malaria. Hij was gekozen onder druk van de tegenstanders van Sixtus V op 12 september 1590.
228 Gregorius XIV 1590-1591 Gekozen op 5 december 1590 na een conclaaf van 2 maanden, overleed hij al 10 maanden later.
229 Innocentius IX 1591 Hij had de bijnaam Pontiflex Clinicus, de ziekelijke paus, hij was al in 1572 de gedoodverfde opvolger van Pius V, maar het werd toen Gregorius VIII, die hem kardinaal maakte in 1583. Hij werd gekozen op 29 oktober 1591 alhoewel hij toen reeds doodziek was. Men wilde tijd winnen, de Spaanse partij verzette zich tegen de candidaat Aldobrandini, die overigens drie maand later toch de opvolger werd van Innicentius IX.
230 Clemens VIII 1592-1605 Hij was al kandidaat bij het vorig conclaaf, maar werd door de Spaanse delegatie dwars gezeten. Hij stond niet onwelwillend tegen de doorvoering van de besluiten van het concilie van Trente, maar zijn grote hofhouding en nepotisme (bevoordeling van familie en vertrouwelingen) waren een zeer storend element. Hij benoemde twee neven tot kardinaal, maar ook Robertus Bellarminus tegen zijn zin, en benoemde hem tot hoftheoloog (1597-1602) en Baronius tot Kardinaal. Hij verbeterde de Vulgaat editie van Sixtus V.
De onthoofding van Beatrice Cenci en haar broers 1599, veroordeelt door de inquisitie, heeft hij niet verhinderd, evenals de vuurdood van Giordano Bruno ( werd door zijn voorstelling van het heelal van ketterij beschuldigd en door de inquisitie na 7 jaar gevangenschap tot de brandstapel veroordeeld) 1600.

Geef een reactie