heijmerikx.nl

Information

This article was written on 02 jan 2006, and is filled under Oorlogsperiode.

Willy Herold, de beul van Emsland.

Als 19 jarige korporaal van de luchtmacht, zijn eenheid kwijtgeraakt bij de terugtrekking van de Duitse troepen, liep Willy Herold in de richting van Bentheim.

Onderweg, ziet hij in een sloot een van de weg geraakte vrachtwagen van de luchtmacht in de sloot liggen, vol met in de steek gelaten goederen.
In een van de kisten vond hij een vrijwel nieuw uniform van een luchtmachtkapitein der parachutisten, met de onderscheidingstekens en medailles er nog op. Het uniform past hem uitstekend, en hij besluit in dat uniform verder te lopen, brutaal en zelfvoldaan. Zo’n kans kreeg hij nooit weer was zijn redenatie. Onderweg sluiten steeds meer verdwaalde militairen zich aan, en als zij in de omgeving van Meppen aankomen,
is de groep onder aanvoering van “kapitein� Herold aangegroeid tot 30 soldaten.
Ondertussen, was het bevel gekomen van de hoogste baas van alle Emslandkampen, om de buitenlandse gevangenen i.v.m. de steeds dichterbij komende geallieerde legers, om die te verplaatsen verder Duitsland in. Op 25 maart 1945 gaat een groep van ca. 400 gevangenen lopend op weg, om vanuit Esterwegen naar Celle op de Luneburgerheide gelegen te lopen.
Maar na 1 dag is al duidelijk, dat de zwaar verzwakte groep daar nooit aan zal komen, 10 mensen zijn door ondervoeding en uitputting in elkaar gezakt, 3 zijn vrijwel direct daarna gestorven, en 3 als simulanten ter plekke doodgeschoten. In een naburige sporthal brengt men de nacht door, waarbij er nog eens 3 of 4 komen te overlijden, waarop het besluit komt, om terug te keren naar Esterwegen. 14 dagen later, opnieuw op pad, maar nu dichterbij, naar het kamp Börgermoor, maar de volgende dag direct verder naar Leer, 30 kilometer noordelijker, waarbij zij gedwongen worden om te helpen bij de afbraak van barakken van de marine artillerie, voordat die in handen van de geallieerden vallen. Dezelfde avond nog moeten zij teruglopen, maar nu naar Aschendorfermoor, omdat er nergens plek voor ze is in Leer. Met een overnachting in het open veld, komen zij redelijk uitgedund op 10 april aan.
Zo’n 150 gevangenen, hebben gebruik gemaakt van de mogelijkheid om te ontvluchten, maar dat bracht met zich mee, dat vele bewoners van Emsland hinder van die vluchtelingen ondervond. De klachten over stelende en bedelende vluchtelingen stroomden dan ook binnen, en sommige boeren werden met geweld bedreigd als zij geen voedsel wilden verstrekken. Daarbij komt, dat als de mensen werden betrapt op het helpen van vluchtelingen, zij zelf in de kampen terechtkwamen, en ook kon dat hun leven kosten.
Vijf vluchtelingen werden ter plekke doodgeschoten bij hun ontdekking, en men wilde de bevolking laten zien, dat de macht nog steeds in handen was, daarom werd er een heksenjacht gemaakt op de voortvluchtige gevangenen.
De 1e dag waren reeds 30 vluchtelingen opgepakt, en de 2e dag 55 vluchtelingen.
Zij werden opgesloten in lager II Aschendorfermoor, dat maar voor 1500 gevangenen geschikt was, maar op het eind van de oorlog zaten er ruim 4000, en dat werden er steeds meer, omdat alle gevluchte krijgsgevangenen uit heel Emsland hier naar toe gebracht werden.
Men wilde een krijgsraad instellen om deze vluchtelingen, maar toestemming kwam niet vanwege drukke werkzaamheden elders.
12 April was Meppen reeds bezet door de geallieerden, en dat leger kwam steeds dichterbij, algehele chaos was aanstaande, en op dat moment komt Willy Herold met zijn groep ter plekke.
Onderweg naar het noorden, had hij een terreinwagen op de kop getikt, in Lathen had hij controle van de Militaire Politie gehad, maar door bluf had hij zich uit die situatie weten te redden, ook nog een artillerie luchtafweegeschut, en een militaire vrachtwagen, die hij in Lathen liet bevoorraden uit een daar gelegen munutieschip. Goed bewapend, met een groep hem getrouwen, kwam hij in Papenburg aan, waar de plaatselijke commandant niets vermoedend hem verwelkomt. Na van de problemen van de vluchtelingen vernomen te hebben, bied hij de helpende hand, en laat zich naar Lager II brengen. Daar aangekomen, zijn de commandanten en hij het er al gauw over eens, alle vluchtelingen neerknallen, dan is het probleem opgelost. Maar een militaire krijgsraad is er niet, en dat kon nog wel eens lang op zich laten wachten, en die tijd was er niet.
Hij liet zich naar de gevangenen brengen, onder protest van de kampcommandant, maar bluf overtroefde hem.
Willy Herold liet de gevangenen naar buiten brengen, en met de handen achter hun hoofd moesten die neerknielen. Een hunner werd direct door Herold ondervraagd, entoen die bekende, burgers van eten beroofd te hebben, werd hij onmiddellijk achter de barak doodgeschoten, en het verging zo nog twee gevangenen. De rest werd gedwongen buiten het prikkeldraad een groot gat te graven, en liet vervolgens zijn groep de volgende dag naar lager II komen.
Uit die groep bevorderde hij nog enkele mensen tot onderofficier, en liet de gevangenen aantreden bij het 1 dag eerder gegraven massagraf.
Een 30tal hunner moest aan de rand van het gat plaatsnemen, en werden op bevel van Herold beschoten met 2 cm vlakgeschut en een afweerkanon, maar het probleem daarbij was, dat zijn mensen hier nog nooit mee geschoten hadden. De gevolgen waren afschuwelijk, enkelen werden in de benen geschoten, anderen sprongen in het gat om aan de kogels te ontkomen, en schreeuwden om genade, of van pijn. Herold gaf onmiddellijk opdracht, om handvuurwapens te gebruiken, en allen werden door pistolen, geweren en of machinegeweren doodgeschoten, en om er zeker van te zijn dat niemand meer leefde, werden er ook nog handgranaten in de kuil gesmeten. Een doodse stilte was daarna het gevolg. Dezelfde dag werd dit nog enkele keren herhaald, zodat er s’avonds 98 gevluchte en weer opgepakte krijgsgevangenen in koelen bloede waren vermoord.
De volgende dag vervolgd de groep Herold zijn weg richting Leer, om onderweg ook nog een Duitse boer dood te laten schieten, die alvast een wit laken uit zijn raam had hangen ter verwelkoming van de geallieerden.
In Leer werden door hem 5 Groningers die daar vast zaten op verdenking van spionage, uit de gevangenis gehaald, moesten hun eigen graf graven, en werden vervolgens doodgeschoten, om vervbolgens de volgende dag richting Aurich te vertrekken voor de geallieerden uit.
In Aurich aangekomen, werd de groep door de plaatselijke commandant aangehouden en gearresteerd, hij vertrouwde het niet, en nam zelf het verhoor af. Herold bekende alles, en biechte op wat hij allemaal op eigen gezag gedaan had. Hij werd overgebracht naar Norden, om daar terecht te staan, maar in de wanordelijkheden van de laatste oorlogsdagen, werd hij per vergis vrijgelaten, en vertrok onder zijn eigen naam en papieren naar Willemshaven waar hij zijn oude beroep als schoorsteenveger weer probeerde op te pakken.
Door toeval, valt hij in handen van de Engelsen, en wordt hij door de Royal Navy gearresteerd, omdat hij een brood gestolen had.
Nog een keer komen leden van de groep Herold in de openbaarheid, zij worden door de Engelsen gedwongen, om op 1 februari 1946 de stoffelijke resten op te graven en bloot te leggen bij het kamp Aschendorfermoor, met daarbij ook door de Engelse gedwongen toeschouwers uit de aanhangers van de SS en SA uit Papenburg en Aschendorf.
In totaal worden 195 lijken opgegraven, die bijgezet zijn op het oorlogskerkhof van Aschendorfermoor.
Willy Herold is door het Britse Militaire Gerechtshof in Oldenburg ter dood veroordeeld, en het vonnis is in november 1946 in Wolfenbuttel voltrokken door middel van de guillotine.

Anton G.M.Heijmerikx Lathen

Colofoon:
Die lager in Emsland 1933-1945- Landkreis Emsland, Meppen 1999.
Das Emsland, ein illustriertes reisehandbuch- edition Temmen.
Jahrbuch des Emsländisches Heimatbundes 1997
Emsland koerier- weekkrant voor Emsland
Der Wecker- weekkrant voor Emsland
Speurtocht naar de Emslandkampen- Pieter Albers
Auf der Suche nach den Moorsoldaten- Kurt Buck und Hannelore Weissmann
Dokumentations und Informations Zentrum Emslandlager (DIZ) Papenburg

Geef een reactie